Gedragscodes
Welke
normen gelden er? Een van de methodes om ongewenst gedrag te beperken,
is het opstellen van gedragscodes bij onze vereniging. Gedragscodes zijn
regels die vaak binnen de vereniging als ongeschreven regels worden gehanteerd.
Deze ongeschreven regels worden in codes vastgelegd. Door aan iedereen
binnen de vereniging duidelijk te maken welke normen (regels) er gelden,
maak je ook meteen duidelijk dat bepaald gedrag gewenst of niet gewenst
is. Voor elke groep kunnen normen worden opgesteld, waaraan ze zich moet
houden. Deze moeten voor iedereen helder zijn. Als het goed is moet iedere
nieuwkomer van deze gedragscodes op de hoogte worden gesteld, zodat iedereen
er naar kan worden verwezen en erop kan worden aangesproken. |
Algemene
gedragscodes
Er
zijn normen die voor iedereen gelden:
1.
Respecteer de regels van je sport.
2.
Respecteer de mede- en tegenstander binnen je sport.
3.
Behandel alle deelnemers in je sport gelijkwaardig.
4.
Gebruik geen (fysiek-, mentaal- en verbaal) geweld bij sport.
5.
Samen staan voor een faire sport. |
Gedragscode
per groep
Het
opstellen van gedragscodes moet voor onze vereniging zo gemakkelijk mogelijk
zijn. Vandaar dat u hieronder gedragscodes per (doel)groep ziet. Zij kunnen
aan onze verenigingssituatie worden aangepast. Daarna moet het bestuur
ervoor zorgen dat iedereen zich daadwerkelijk aan de gedragscodes houdt.
Hiervoor
zou een plan moeten worden opgesteld. Een plan waarin de gedragscodes staan
vermeld, waarin staat hoe de gedragscodes bekend worden gemaakt en hoe
er gebruik van gemaakt wordt. Krijgt iedereen in de club de gedragscodes
op papier persoonlijk overhandigd of worden ze bijvoorbeeld opgehangen
in de kantine? Wie houdt bijvoorbeeld in de gaten of de mensen de regels
naleven? Wie doet wat als iemand van de gedragscodes afwijkt? De antwoorden
op deze vragen zullen in ieder geval in het plan moeten worden opgenomen.
Naast het beschrijven van de invoering van de gedragscodes zal voor de
toepassing van de gedragscodes draagvlak gecreeerd moeten worden. Hoe kun
je er als
vereniging
voor zorgen dat clubleden achter het idee staan? Moeten nieuwkomers bijvoorbeeld
een handtekening zetten, zodat de afspraken worden vastgelegd? Voor het
welslagen hiervan moeten al deze punten helder worden omschreven. |
Specifieke
gedragscodes
Sommige
gedragscodes gelden in meer of mindere mate voor bepaalde groepen. Voor
ouders gelden bijvoorbeeld andere regels dan voor de leden zelf. Hierdoor
krijgt elke groep eigen verantwoordelijkheden en daar kunnen ze ook op
worden aangesproken.
Sporters
1.
Probeer te winnen met respect voor jezelf, je teamgenoten en je tegenstanders.
2.
Speel volgens de bekende of afgesproken wedstrijdregels.
3.
Vind eerlijk en prettig spelen belangrijk en presteer zo goed mogelijk.
4.
Aanvaard de beslissingen van scheidsrechter. Als zij niet voor hun taak
geschikt
blijken
te zijn, bespreek dat dan later, niet alleen met je eigen teamleden, en
probeer er verbetering in te brengen.
5.
Beïnvloed de scheidsrechter niet door onbehoorlijke taal of agressieve
gebaren en woorden.
6.
Blijf bescheiden bij een overwinning en laat je niet ontmoedigen door een
nederlaag.
7.
Wens de tegenstander geluk met het behaalde succes als je zelf de verliezer
bent.
8.
Onsportiviteit van de tegenstander is nooit een reden om zelf onsportief
te zijn of de club aan te moedigen ook onsportief te spelen of op te treden.
9.
Wijs je medespelers gerust op onsportief of onplezierig gedrag.
10.
Heb de moed om je eigen fouten of tekortkomingen met anderen te bespreken,
bijvoorbeeld met je trainer, je leider, je teamgenoten of het bestuur.
11.
Respecteer het werk van al die mensen die ervoor zorgen dat in je sport
mogelijkheden bestaan te trainen en wedstrijden te spelen. Dit is namelijk
niet zo vanzelfsprekend.
|
Ouders
en verzorgers
1.
Forceer een kind dat geen interesse toont nooit om deel te nemen aan een
sport.
2.
Bedenk dat kinderen sporten voor hun plezier en niet voor het uwe.
3.
Moedig uw kind altijd aan om volgens de regels te spelen. Regels die een
goede spelleider zal aanpassen aan de mogelijkheden van de deelnemers.
4.
Leer uw kind dat eerlijke pogingen net zo belangrijk zijn als winnen, zodat
het resultaat van elke wedstrijd geaccepteerd wordt zonder onnodige teleurstelling.
5.
Verander een nederlaag in een overwinning door uw kind te helpen te werken
aan een grotere vaardigheid en het worden van een goede sportman/vrouw.
Maak het kind nooit belachelijk en geef het geen uitbrander als het een
fout heeft gemaakt of een wedstrijd heeft verloren.
6.
Bedenk dat kinderen het beste leren door na te doen. Applaudisseer voor
goed spel van beide teams.
7.
Val een beslissing van een scheidsrechter e.d. niet in het openbaar af
en trek nooit de integriteit van dergelijke personen in twijfel.
8.
Ondersteun alle pogingen om verbaal en fysiek misbruik tijdens sportactiviteiten
door de jeugd te voorkomen.
9.
Erken de waarde en het belang van vrijwillige trainers. Zij geven hun tijd
en kennis om het sporten/de recreatie van uw kind mogelijk te maken.
|
Trainers/
leiders/ aanvoerders
1.
Wees redelijk in uw eisen ten aanzien van de tijd, de energie en het enthousiasme
van spelers. Bedenk dat jongeren ook andere interesses hebben.
2.
Leer uw spelers dat de spelregels afspraken zijn waar niemand zich aan
mag onttrekken.
3.
Deel daar waar mogelijk is de sporters in volgens leeftijd, lengte, vaardigheid
en fysieke gesteldheid.
4.
Vermijd dat getalenteerde spelers te veel in het veld staan. De minder
goede spelers hebben zeker evenveel speeltijd nodig en hebben daar ook
recht op.
5.
Bedenk dat sporters voor hun plezier spelen en iets willen leren. Winnen
is slechts een onderdeel van het spel. Verliezen trouwens ook.
6.
Schreeuw niet en maak de sporters nooit belachelijk als zij fouten maken
of een wedstrijd verliezen.
7.
Zorg ervoor dat het materiaal voldoet aan de veiligheidseisen en geschikt
is voor de leeftijd en de vaardigheid van de jongeren.
8.
Bij het indelen en het bepalen van de duur van de trainingstijden dient
men rekening te houden met de mate waarin de kinderen volwassen zijn.
9.
Ontwikkel teamrespect voor de vaardigheid van de tegenstander en voor de
beslissingen van de scheidsrechter en voor de trainer van de tegenstander.
10.
Volg het advies op van een arts bij het bepalen of een geblesseerde speler
we! of niet kan spelen.
11.
Sporters hebben een trainer nodig die zij respecteren. Wees gul met lof
wanneer het verdiend is.
12.
Blijf op de hoogte van de beginselen van goede training en van groei en
ontwikkeling van sporters. |
Bestuurders
1.
Zorg ervoor dat er gelijke mogelijkheden voor deelname in de sport bestaan
voor alle leden ongeacht hun vaardigheid, geslacht, leeftijd of handicap.
2.
Betrek de leden in planning, leiding en de evaluatie van alle activiteiten.
3.
Sta niet toe dat welk sportprogramma dan ook primair voor de toeschouwers
wordt gemaakt.
4.
Toestellen en voorzieningen moeten voldoen aan de veiligheidseisen en geschikt
zijn voor alle leden.
5.
Bij de wedstrijdbepalingen en de duur van de wedstrijden dient rekening
te zijn gehouden met de leeftijd en mate van volwassenheid van de jongeren.
6.
Denk eraan dat het spel gespeeld wordt om het spel en de oefening wordt
gedaan om de beheersing van de beweging. Zorg ervoor dat de beloning niet
als het belangrijkst wordt gezien. Wel als u gul bent met lot voor inzet
en prestatie.
7.
Distribueer een gedragscode m.b.t. sportiviteit onder de toeschouwers,
trainers, spelers, officials, ouders en nieuwsmedia.
8.
Zorg ervoor dat ouders, trainers, sponsors, verzorgers en deelnemers zich
bewust zijn van hun invloed en verantwoordelijkheid m.b.t. fair play in
sport en spel.
9.
Zorg ervoor dat er goed toezicht van gediplomeerde en ervaren trainers
en officials is, die in staat zijn sportiviteit en goede technische vaardigheden
te bevorderen.
10.
Bied korte cursussen (clinics) aan om het trainen voor en het leiden van
een wedstrijd te verbeteren met de nadruk op sportiviteit, voor, tijdens
en na de wedstrijd. |
Clubscheidsrechters
1.
Pas de regels aan het niveau van de spelers aan.
2.
Gebruik uw gezond verstand om ervoor te zorgen dat het plezier in het spel
niet verloren gaat door te veel ingrijpen.
3.
Geen woorden maar daden. Zorg ervoor dat zowel in als buiten het speelveld
uw gedrag sportief is.
4.
Geef daar waar het verdiend is beide teams een compliment voor hun goede
spel. 5. Wees beslist, objectief en beleefd bij het constateren van fouten.
6.
Beoordeel opzettelijk, goed getimed "foul play" als onsportief, waardoor
het respect voor eerlijk spel handhaaft.
7.
Moedig verandering van de regels openlijk aan als deze veranderingen tot
bevordering van de deelname 'tot plezier ende vermaeck' leiden.
8.
Zorg ervoor dat u op de hoogte bent en blijft van de spelregels.
|
Toeschouwers
1.
Denk eraan dat de sporter voor zijn eigen plezier deelneemt aan georganiseerde
sportbeoefening. De sporter doet dit niet voor uw vermaak.
2.
Gedraag u op uw best. Vermijd het gebruik van grove taal en het beledigen
of belagen van spelers, trainers, scheidsrechters en officials.
3.
Geef applaus bij goed spel van zowel uw eigen team als van het gastteam
of andere deelnemers aan een wedstrijd.
4.
Toon respect voor tegenstanders/tegenspelers. Zonder hen zou er geen wedstrijd
zijn.
5.
Maak een sporter nooit belachelijk en scheld het niet uit als het een fout
maakt gedurende een wedstrijd.
6.
Veroordeel elk gebruik van geweld.
7.
Respecteer de beslissing van de scheidsrechter.
8.
Moedig de jongeren altijd aan om zich aan de spel-/wedstrijdbepalingen
te houden.
9.
Zorg ervoor dat uw gedrag sportief is. Goed voorbeeld doet goed volgen. |
 |